| About Us   | Activiteiten   | Contact | 
25 jaar BVKB

Verslag

Indiana Jones in Châteauvert

Dit is het dan: ons laatste uitstapje met de vlag van BVKB. De vlag was bijna één van de standaard voorwerpen in onze rugzak geworden. Deze keer mocht ze mee naar Châteauvert in het zuidoosten van Frankrijk. We hadden dit rotsklimmassief in de Vallei van de Sourn vorig jaar al verkend maar hadden daar nog een ontelbaar aantal 'projectjes' open staan. Ons enige probleem: vorig jaar was het er 's nachts zo koud op de camping dat ons gasbrandertje 's morgens steevast dienst weigerde, en 's avonds joeg de koude Mistral ons al vóór 20u in de tent … niet meteen voor herhaling vatbaar dus. Toen Steven dan ook het idee opperde om dit jaar een gîte te huren, was ik meteen verkocht om weer naar die schitterende kalkrotsen te trekken. Tja, sportklimmers zijn naar het schijnt luxeklimmers. Ons enthousiasme moet erg aanstekelijk geweest zijn, want niet veel later hapten ook Wim en Annelies toe om mee te gaan.
Wim - voetsteunen zoeken in de overhang van Technogène 5c
De rotsen tussen de dorpjes Châteauvert en Correns zijn lange tijd privé-eigendom, en dus verboden terrein geweest. Klimmen werd er terug mogelijk in 1995, toen het departement van de Var de rotsen aankocht, de oude routes herequipeerde en nieuwe routes opende. Het klimmerslobbying moet hier intens geweest zijn, want de wand ligt in een biologisch waardevol gebied. De enige toegeving die ze hebben moeten doen, is de rechterflank van de vallei ongemoeid te laten. Maar dat hebben we er zeker voor over, want de omgeving is er ronduit schitterend. Over de volledige wand - zo'n kilometer lang - bevinden zich meer dan 200 routes van 20 tot 50m hoog. Met 90 routes van graad 7 en hoger is deze rotswand een favoriete trekpleister voor klimmers die allures van Spiderman bezitten. Maar ook de minder getalenteerde klimmers (jaja, goed gelezen: wij dus) komen zeker aan hun trekken. De kalkrotsen zien er op vele plaatsen uit als gatenkaas waar een legertje uitgehongerde muizen van micro- tot mega-formaat werd op losgelaten; de veelheid aan gaatjes, putjes en kommetjes is vaak zo overweldigend dat je er soms 5 minuten over doet om te beslissen welke grepen je wil gebruiken voor de volgende pas. Meestal komt het er ook op neer de minst pijnlijke te zoeken, want op een paar uitzonderingen na, zijn de rotsen bijtend scherp en allesbehalve patiné. Een perfect decor dus voor onze laatste vlag-uitdaging: Annelies - tot dan een zaalklimster in hart en nieren - op de rotsen leren voorklimmen, en de routes waar we vorig jaar 'voor te klimmen' bij hebben geschreven, afwerken. Bij de verkenning van het massief begint het ons weer te duizelen als we onderaan de grote komvormige overhangende wand omhoog kijken … zou een spinnetje zich ook zo voelen voor hij aan de beklimming van het muurtje in je achtertuin begint? We kijken vol bewondering naar diegenen die het gevecht met deze wand wel aandurven en trekken verder naar de iets makkelijkere sectoren. Het weer zit mee (dit jaar geen Mistral) en het aantal routes dat we aan ons klimpalmares kunnen toevoegen loopt al snel op. We kruipen in steeds moeilijkere routes, zoeken wankel balancerend aan messcherpe richels de volgende greep, genieten van het klikkende geluid van setjes als we ons touw inpikken, bijten vertwijfeld op onze lippen als de volgende broche weer onbereikbaar ver lijkt, en kijken voldaan naar beneden als we toch weer de top halen. We gaan zo op in onze routes dat we meermaals het massief sluiten: het gebeurt zelfs twee keer dat we de weg naar de auto moeten zoeken met een koplamp op ons hoofd! Diezelfde koplamp doet ook weer dienst om onze gîte terug te vinden tussen de wirwar van wijngaarden en olijfbomen in vol herfstornaat. De druiven zijn reeds geplukt, maar de olijfboompjes hangen nog vol zwarte ovalen vruchtjes. Aangemoedigd door Annelies proeft Steven een donkere olijf van de bomen naast ons huisje … en imiteert op sublieme wijze de eerste pogingen van een babydraakje om vuur (in casu olijfbrokken) te spuwen. Annelies plooit dubbel van het lachen. Ze had stiekem ook al eens geproefd en was tot dezelfde conclusie gekomen: oneetbaar! Gelukkig zijn onze culinaire uitspattingen voor het avondeten van iets hoogstaandere kwaliteit: Frans stokbrood geroosterd boven het open-haardvuur met een smeuïg laagje Boursin, gemarineerde kippenboutjes met vers geplukte rozemarijn op de grill, aardappeltjes in de schil in het haardvuur, en dit alles vergezeld van een glaasje wijn uit de streek. Je zou bijna gaan twijfelen of we gekomen zijn om te klimmen, dan wel om onze lichaamsrondingen te accentueren. Steven en Wim vinden trouwens een nieuwe variante van de aromatherapie uit: het haardvuur gloeiend heet opstoken, de temperatuur in de kamer tot tropische hoogten drijven en dan gedroogde lavendel als geurstokjes in brand steken! De rook zorgt blijkbaar voor een overstimulatie van de lachspieren, want ze geraken niet meer van hun slappe lach af. Bij een politiecontrole zouden ze gegarandeerd 'high' verklaard worden.

Annelies - gaatjes verkennen in Goulot Fou 5c+Maar genoeg keukenverhalen … terug naar het klimmen. Onze durf neemt evenredig met het aantal geklommen routes toe. We krijgen voeling met de fijne gaatjesstructuur van de rots en leggen steeds meer vertrouwen in onze vingers. Maar als Annelies ons in steeds moeilijkere routes begint te sturen, vinden we het hoog tijd om haar eens te laten voelen dat er een hemelsbreed verschil is tussen voorklimmen en naklimmen. We keren terug naar een paar makkelijke routes die ze reeds naklom, versieren haar gordel met een overdosis setjes en karabiners, slingeren haar nog een paar handige tips toe voor onderweg en sturen haar dan richting relais. Drie paar ogen kijken gespannen toe hoe ze het eerste setje correct inpikt, dan verder omhoog fladdert alsof er niets aan is en achter een stuk rots verdwijnt. Als het dan een tijdje stil is, beginnen de drie paar ogen elkaar met enige twijfel te bekijken, maar als Annelies dan plots boven te voorschijn komt met een zelfvoldane blik, is het ons meteen duidelijk dat we er weer een rotsklimmertje bij hebben in de club!

Het verbaast ons iedere keer hoeveel kleine overhangen er in de makkelijke de routes zitten. En toch tref je een paar meter verder ook quasi perfect gladde wanden aan! Indiana Jones, dat was er zo eentje. Een 6a+ op een steile dalle onder een imposante overhang met hier en daar een minuscuul richeltje waar je nog net de restjes van een paar vingernagels achter kon proppen. Je voeten kon je met een gerust hart neerzetten waar je maar wou: ze stonden toch steeds op wrijving! Steven geraakt tot aan het tweede setje, slaagt er dan nog net in om een luchtige traversée naar links uit te voeren, als blijkt dat achter de richeltjes aan die kant helemaal geen vingernagels meer kunnen. Hij zit blijkbaar op een doodlopende piste en moet terug. Ik krijg de kriebels in mijn buik als hij weer probeert af te klimmen. Ik sta op scherp om een eventuele val dynamisch op te vangen maar weet dat hij sowieso een grote pendule zal maken. De krassen op de rotsen in de vorm van een halve cirkel net onder het tweede spitje wijzen erop dat hij niet de eerste zal zijn. Steven - rustpas in Haltes Passagères 5b+Het lijkt alsof hij er elke moment uit kan vallen. Hopelijk 'plakt' de rubber van zijn klimschoenen even goed als de fabrikant beweert! Mijn ingehouden adem ontsnapt sissend als hij weer ter hoogte van het tweede setje aankomt. Hij kijkt verward naar beneden: hoe moeten we deze vlakte zonder handgrepen noch voetsteunen overbruggen? Scènes uit de films van Indiana Jones flitsen voorbij: een lange zweep zou inderdaad handig zijn om rond het volgende spitje te slaan dat hoog boven ons staat te blinken in de zon. Na twee bijkomende futiele pogingen houdt Steven het voor bekeken. Het is mijn tour om de route eens ter plekke te komen bekijken. Slik … Ik kijk nog eens vertwijfeld naar de klimmers die links van ons zesdegraads routes klimmen alsof het drietjes zijn, en raap dan al mijn moed bijeen om 'Indy' (de klimroute weliswaar) te overwinnen. Ik haal ook vlotjes het tweede setje … maar raak dan ook op mijn beurt in de problemen. Ik weet dat die aanlokkelijke traversée naar links op niets uitloopt, en mijn pogingen om recht omhoog te klimmen, brengen me geen centimeter hoger! Ik hoor van beneden een hard 'rezjt' en dan nog een paar onverstaanbare woorden. De Tsjechen van naast ons schieten ons ter hulp met een waterval van goede aanwijzingen, maar het enige wat ik ervan begrijp is dat ik langs rechts moet en helemaal niet langs links. Ik betwijfel of onze interpretatie van 'rezjt' wel correct is, want langs rechts zitten er helemaal geen grepen meer! Alleen wat oneffenheden in de rots die met moeite voor de term on-effen in aanmerking komen. Onze Tsjechen blijven echter insisterend naar rechts wijzen en ik besluit het erop te wagen. Met kloppend hart probeer ik mijn voeten rechts omhoog te krijgen en zowaar … ik vind een goed verstopt, onbenullig klein, aflopend randje waar ik weer twee vingernagels achter kan proppen. Ik durf bijna niet uit te ademen omdat ik het gevoel heb dat ik mezelf dan van de rots ga blazen. Er komen weer onverstaanbare termen van beneden aangewaaid maar ik heb al mijn concentratie nodig om te blijven staan en de volgende greep te zoeken. Ik sta gerekt als een opgespannen veer en tast met mijn linkerhand voorzichtig de ruimte boven mijn hoofd af. Mijn rechterkuit begint te protesteren. Het mag niet te lang meer duren. De oneffenheid die ik vind is - naar mijn normen - weer waardeloos, maar vermits er aanmoedigend gejuich van beneden komt, vertrouw ik op het oordeel van die Tsjechen. Ik wurm me tergend langzaam omhoog, probeer mijn evenwicht weer voorzichtig op mijn andere voet te verplaatsen, krijg dan een bak van een greep in het vizier en spurt erheen alsof het een oase in de woestijn is. Als ik het derde setje uiteindelijk ingepikt krijg, zijn mijn supporters alweer in de volgende route gekropen. Ik krijg een bemoedigende glimlach toegestuurd als ik snel mijn duim opsteek om hen te bedanken voor de tip. Ik werk de rest van de route uiterst voorzichtig af, sla een diepe zucht als ik boven aankom en klik me grijnzend vast aan de relais. Ik heb voor het eerst een 6a+ voorgeklommen. Op dat moment hoor ik in de verte schel roepen. Aha, ook Annelies is veilig boven geraakt in haar tweede voorklimroute! Schitterend!
Van links naar rechts: Steven; Annelies; Wim; Gwendolyn met de BVKB vlag
Meer info
Je kan het hele jaar door klimmen op de rotsen in de Vallei van de Sourn. Als de zon schijnt wordt het er snel (te) warm want ze zijn op het zuiden georiënteerd. In de zomer kan je afkoeling zoeken in het riviertje de Argens. In de winter staat er vaak een koude Mistral-wind. Als het regent kan je droog blijven klimmen onder sommige daken en in de gigantische overhang die zo kenmerkend is voor het massief, maar dan moet je wel minimaal 6a aankunnen.

Copyright ©2002 KlimaxInfo@BVKB.be