Op 13 juli 2003 stappen we met zijn zessen (Dino, Leen, Nicole, Siegrid, Harry en Lut) op het vliegtuig richting Delhi. Vochtige warmte, eigen aan het regenseizoen, komt ons tegemoet als we de terminal verlaten en slaat ons helemaal om de oren wanneer we in de zwoele nachtelijke buitenlucht de man van ons hotel volgen naar de voorgereden taxi. Twee dagen later nemen we een ochtendvlucht van Delhi naar Leh en krijgen daarmee een voorproefje van de schoonheid van het landschap waarin we drie weken zullen rondtrekken. De lucht is zeer helder, de piloot zorgt voor een heuse sight-seeing over de besneeuwde toppen van de Indische Himalaya. Nu lijkt het nog wat onwezenlijk, maar als alles goed gaat, staan we over een dikke twee weken op één van deze toppen. De Kang Yatze is immers ons beklimmingdoel. Leh (3500 meter) is het hoofdstadje van Ladakh, een streek in het noorden van India, deel van de Indische Himalaya
en grenzend aan Pakistan, Nepal en Tibet. Ladakh wordt ook wel eens Klein Tibet genoemd. Het landschap verraadt onmiddellijk dat er in deze bergstreek zeer weinig neerslag valt. Kale bergen contrasteren met de groene oasen waarin kleine dorpjes met witgekalkte huisjes en goed geïrrigeerde veldjes verscholen liggen. Het volk van Ladakh (de Ladakhi) beantwoordt helemaal niet aan het stereotype beeld van de Indiër. De Ladakhi hebben eerder mongoolse trekken. Hier vind je geen slanke vrouwen in sari’s, maar stevige getaande bergvrouwen met kleurige juwelen en vaak nog traditionele ladakhi-kleren … ze doen soms aan de bergvolkeren van de Andes denken. We starten onze trekking in Lamayuru (124 km ten westen van Leh). Twaalf dagen stappen we door een landschap van kale maar gevarieerd getinte bergen, door ruwe kloven, naast en over rivieren en passeren we prachtig gelegen dorpjes met fotogenieke mensen. Ook Yaks ontbreken niet, yoghurt van yakmelk is zààlig, boterthee daarentegen… De zon is hevig, vrijwel
altijd lopen we onder een straalblauwe hemel zonder één wolkje…’s nachts bewonderen we sterrenhemels zoals we ze hier nog nooit hebben gezien. Na een dag of twaalf komt de Kang Yatze in het vizier. Zijn besneeuwde top is veruit het hoogste punt van de directe omgeving. Het is een mooie berg … en nu we hem voor ons zien kan de dag van de beklimming er niet rap genoeg zijn. We besluiten om de top te doen vanaf de meest oostelijk gelegen kant van de berg. Twee dagen later stappen we onder een grijze lucht, zij het dan met af en toe een opklaring, naar het basiskamp van de Kang Yatze. Onder “basiskamp” dien je te verstaan: een ietwat horizontale plek op 5.550 meter vol morenen en rotsblokken waar we net onze tentjes kunnen plaatsen. We liggen net aan het begin van de sneeuw, de zon kleurt bij het ondergaan de lucht bruinrood, we eten een kom noedels en kruipen onder de wol. Om 3 uur opstaan en om 4 uur vertrekken, dat is het plan. Om 3 uur echter is het lichtjes aan het hagelen, om 4 uur valt er sneeuw
en om half zeven ’s morgens ligt er een vijftal centimeter sneeuw op het tentzeil. We bereiden ons er al op voor dat we hier een dagje vast zullen zitten, maar om half acht klaart het weer wat uit. Sonu, die steeds voor heerlijk eten zorgde, maakt ons een ontbijt van kippensoep en vers zelfgebakken tibetaans brood in een wel heel originele versie met confituur en noten … om half negen vertrekken we … eerst een lastig stuk over de besneeuwde morenen, daarna over de wel zeer steile ijzige (en gelukkig wat besneeuwde) helling … het gaat goed, we passeren de kaap van 6.000, voor de meeste onder ons een hoogterecord … op 6.180 meter echter slaat het weer dicht. Alles grijs, we zien geen steek meer voor onze ogen … bedrukte gezichten … het ziet er naar uit dat we moeten terugkeren … nog een kwartiertje wachten … het weer verandert hier zeer snel, misschien lukt het nog … en inderdaad opnieuw een grote opklaring .. we kunnen weer verder
… opnieuw een grijze periode … opnieuw de twijfel en dan … een opklaring die de top zichtbaar maakt … dichterbij dan we hadden gedacht … al onze energie bundelt zich en om half één ’s middags staan we op de top … de lucht klaart een laatste keer op en we krijgen nog een prachtig zicht over de omgeving. In de verte zien we de Nun en de Kun: een volgende bestemming???
|